Inclusief onderwijs

Op basisschool Paulus

‘Aansluiten bij wat kinderen nodig hebben’

Elk kind past bij ons en wij passen bij elk kind, dat is het uitgangspunt van het team van basisschool Paulus in Enschede. Ze merkten dat de gebruikte methoden onvoldoende aansloten bij deze visie en de leerbehoeften van hun leerlingen. “Methoden zijn geschreven voor gemiddelde kinderen en die bestaan niet”, stellen Thomas Schulte en Ellis Tempelman. Reden voor het team om terug te gaan naar kern van goed onderwijs. “Heb je dat op orde, dan gedijen de meeste kinderen gewoon op een reguliere school in hun eigen wijk.” Maar hoe doe je dat?

Veel gezinnen in de wijk Twekkelerveld in Enschede moeten rondkomen van een laag inkomen. Dat brengt uitdagingen met zich mee en dat zien ze terug op school. Bijvoorbeeld door meer thuisproblematiek en gedragsproblemen bij kinderen. “We zagen in de wijk een grote groep leerlingen die in het speciaal (basis)onderwijs terechtkomen. Dit is de aanleiding geweest om het onderwijs anders te organiseren”, vertelt directeur Thomas Schulte. “Daarbij vroegen we ons af: ligt het echt aan deze kinderen? Of sluit ons onderwijs onvoldoende aan bij wat zij nodig hebben?”

Elk kind in de wijk naar school

“Ons uitgangspunt is dat elk kind bij ons op school hoort”, legt kwaliteitscoördinator Ellis Tempelman uit. “We denken minder snel in verwijzingen, maar kijken juist wat we zelf kunnen regelen of doen om een kind op onze school te houden.” Deze visie is kenmerkend voor de inclusieve benadering van de Paulus. “Bij gedragsproblemen, gaan we eerst op zoek naar de oorzaak”, geeft Ellis als voorbeeld. “Vaak lost erkenning of zich gezien voelen al veel op.”

Rust, doelen en vertrouwen

De basis van goed onderwijs bestaat bij de Paulus uit drie pijlers. De eerste pijler is rust en structuur. Ellis geeft een voorbeeld: “Elke ochtend verzamelen de kinderen zich in rijen op het schoolplein en gaan samen met de leerkracht de school in. Zo maken we een duidelijke overgang van de soms drukke thuissituatie naar de schooldag.” Ook in de school gelden duidelijke regels voor gedrag. “Als kinderen in de klas komen, gaan ze naar hun eigen tafel, pakken een boek en gaan lezen. Dat zorgt voor rust en concentratie in de klas. De leerkracht heeft dan even extra tijd om die ene leerling aandacht te geven.”
De tweede pijler is doelgericht werken. Thomas: “We hebben de lesmethoden losgelaten en werken vanuit de leerlijnen. Wat moeten kinderen feitelijk kunnen? Daaromheen bouwen we thematisch ons onderwijs op.” En de derde pijler is professionele ruimte voor leerkrachten. “Ze krijgen het vertrouwen om zelf hun lessen vorm te geven. Dat geeft energie”, legt Thomas uit.

Werken met de leerlijnen

“Als je jaren lesmethoden hebt toegepast, waarbij vastligt wat je van week tot week aanbiedt, is het niet makkelijk om die structuur los te laten”, geeft Thomas toe. “Maar methoden zijn geschreven voor de gemiddelde leerling. Ze beginnen telkens opnieuw met instructie en bevatten veel bijzaken. Wij kijken liever wat onze kinderen echt nodig hebben. We werken nu vanuit de leerlijnen en verwerken de essentiële doelen in thema’s die aansluiten bij onze leerlingen. Dat maakt het compacter, overzichtelijker en effectiever. Het geeft collega’s bovendien meer ruimte om aan te sluiten bij wat ze in de klas zien. Als kinderen de stof al beheersen, hoef je geen nieuwe instructie te geven. Je kunt dan verdiepen of verrijken waar dat nodig is.” Kinderen die extra ondersteuning of extra uitdaging nodig hebben, kunnen twee keer in de week terecht bij de remedial teacher.

Groeiproces ondersteunen

Thomas en Ellis benadrukken dat deze verandering tijd en vertrouwen vraagt. “Het is een groeiproces, waarbij we de collega’s op verschillende manieren ondersteunen met kennis en training. Spannend in het begin, maar als je ziet dat het werkt, groeit het vertrouwen.” Het team begon met het loslaten van de leesmethode, en sinds vorig schooljaar ook wereldoriëntatie en taal. De eerste stappen om de spellingsmethode los te laten worden nu ook gezet. “Het is mooi om te zien hoe collega’s het taalonderwijs oppakken. Zo hebben groep 3 en 4 nu een boekenwinkel, waarin kinderen spelenderwijs werken aan allerlei doelen. Niet alleen leesdoelen, maar ook burgerschap, wereldoriëntatie en bijvoorbeeld schrijven. Het spreekt de creativiteit aan, van leerkracht én kinderen.”

Samen met ouders

Cruciaal in de aanpak is de samenwerking met ouders. “We zoeken direct contact als er iets speelt of iets is gebeurd”, licht Ellis toe. “We bellen voordat een kind met een verhaal thuiskomt, zodat ouders hun kind goed kunnen opvangen.” Ook delen de leerkrachten wekelijks berichten met foto’s en informatie over wat er geleerd wordt. “Veel ouders hebben zelf geen positieve associatie met school. Wij willen laten zien dat school en leren leuk is.”

Het werkt

De resultaten zijn bemoedigend. Er zijn minder verwijzingen, er heerst rust in de school en de opbrengsten zijn verbeterd. “Nagenoeg geen enkel kind heeft meer een eigen leerlijn nodig”, vertelt Ellis. “Door de doelen scherp te hebben en aan te sluiten bij wat kinderen nodig hebben, kunnen bijna alle leerlingen het reguliere programma volgen.” Hun advies aan andere scholen? “Begin met de basis op orde krijgen. Durf los te laten wat niet werkt”, raadt Thomas aan. “En vooral: vertrouw op de professionaliteit van je team.”

Ruimte voor ontwikkeling

Thomas en Ellis zien nog genoeg mogelijkheden om kinderen en ouders nog meer te ondersteunen. “We zijn onlangs begonnen met een startgroep, omdat wij zagen dat een grote groep jonge kinderen direct verwezen wordt vanuit de peuteropvang naar een intensievere setting. In de startklas krijgen kleuters de kans om eerst te landen voordat we kijken welk onderwijs bij hen past”, licht Ellis toe. “De verwachting is dat wij passen bij deze kinderen. En dat het kind bij ons past.”

Thomas vult aan: “Ook willen we binnen onze school de samenwerking met partners in de wijk graag verder uitbreiden. En het zou heel mooi zijn als we onze leerlingen een rijke schooldag met extra activiteiten kunnen bieden binnen de thema’s van onze leerlijnen. Er liggen nog genoeg kansen.”