In Twente Oost zijn diverse vormen van passend onderwijs mogelijk. Via de middelen vanuit het Samenwerkingsverband kan extra ondersteuning worden georganiseerd op de basisscholen zelf. Denk aan extra aandacht, extra ondersteuning, aangepaste materialen of een deskundige die meekijkt met jouw kind. Ook zijn er diverse scholen en voorzieningen voor speciaal onderwijs en speciaal basisonderwijs in de regio. Hieronder leggen we kort uit wat speciaal onderwijs en speciaal basisonderwijs is en hier vind je een visuele weergave hiervan. Ook kun je hieronder vinden welke speciale scholen er in de regio Twente Oost te vinden zijn.
Wat is speciaal basisonderwijs?
Speciaal basisonderwijs is er voor kinderen die op een reguliere basisschool onvoldoende ondersteuning kunnen krijgen om tot leren te komen of een vertraagde leerontwikkeling doormaken. Zij hebben behoefte aan leerstof ‘op maat’. Dit betekent onderwijs in kleine stapjes, met veel structuur en veel herhaling. In een groep waar niet zoveel kinderen zitten met verschillende onderwijsbehoeften. Speciaal basisonderwijs in de regio Twente Oost:
- SBO de Windroos (Oldenzaal)
- SBO de Batavier (Hengelo)
- SBO de Ariënsschool (Enschede)
- SBO het Pontem (Enschede)
Wat is speciaal onderwijs?
Speciaal onderwijs is er voor leerlingen die extra zorg of intensieve ondersteuning nodig hebben om zich goed te kunnen ontwikkelen. Het gaat hierbij niet zozeer om alleen leerproblemen, maar ook om andere problematiek. Denk aan gehoor-, spraak- of taalproblematiek, psychische of lichamelijke problematiek, zoals een handicap of moeilijk te begrijpen gedrag. De begeleiding en ondersteuning binnen speciaal onderwijs wordt zo ingericht dat de kinderen op deze scholen zich met hun beperkingen zo goed mogelijk kunnen ontwikkelen. Ze volgen onderwijs op een manier en in een omgeving die recht doet aan hun ondersteuningsbehoeften. Speciaal onderwijs in de regio Twente Oost:
- Voor psychische en gedragsvraagstukken:
- SO het Reliëf (Enschede)
- SO de Stapsteen (Hengelo)
- Voor zeer moeilijk lerende kinderen:
- SO de Huifkar (Enschede)
- SO ’t Iemenschoer (Hengelo)
- Voor kinderen met complexe fysieke- en verstandelijke beperkingen:
- SO OCR het Roessingh (Enschede)
- SO de Meander (Losser)
- Voor kinderen met licht verstandelijke beperking in combinatie met gedragsproblematiek:
- SO de Bouwsteen (Hengelo)
- Voor kinderen die een Taalontwikkelingsstoornis hebben (TOS) of slechthorend of doof zijn:
- Professor Huizingschool (Enschede). Deze school maakt geen deel uit van het Samenwerkingsverband, maar ligt wel in onze regio. Vanuit deze school wordt expertise ingebracht op de reguliere school via ambulante begeleiding.
Thuisnabij onderwijs
We willen zoveel mogelijk leerlingen thuisnabij onderwijs bieden. Dit betekent zoveel mogelijk op de basisschool in de eigen wijk of plaats.
Als je op zoek gaat naar een basisschool voor je kind, kiezen de meeste ouders voor een basisschool die goed bereikbaar is, een fijne uitstraling heeft, een speciale methode gebruikt, of waar ook andere kinderen in de buurt naartoe gaan. En je wilt natuurlijk op zoek naar een school waar je kind zich thuis voelt.
Jouw kind heeft extra ondersteuning of zorg nodig
Als jouw kind op de basisschool (waarschijnlijk) extra ondersteuning en/of zorg nodig heeft, is het belangrijk om goed te onderzoeken of de basisschool van jouw keuze de gewenste ondersteuning kan bieden. Ga in gesprek met de intern begeleider, de directeur of de zorgcoördinator van de school. Vaak stelt de school dit zelf voor.
Van speciaal (basis)onderwijs naar regulier onderwijs
Als jouw kind vanuit het speciaal (basis)onderwijs weer naar het reguliere basisonderwijs overstapt, dan geldt hetzelfde: ga het gesprek aan met de potentiële nieuwe school en licht het verhaal van (of met) je kind toe aan de nieuwe school. Vanaf dat punt gaan school en jij verder met elkaar in gesprek.
Waar vind ik meer informatie over scholen in de regio?
Andere ouders zijn vaak een goede bron van informatie als je een schoolkeuze wilt maken. Verder hebben vrijwel alle scholen een website waarop je informatie kan vinden. Ook tijdens rondleidingen of informatiebijeenkomsten kun je meer over de school te weten komen. Verder kun je natuurlijk een afspraak maken met de intern begeleider en/of de directeur van een school die jij op het oog hebt.
Heeft jouw kind extra ondersteuning nodig?
Dan kan het fijn zijn om contact op te nemen met het steunpunt van het samenwerkingsverband. De coördinator kan met je meedenken over passende scholen in de regio. Neem gerust contact op.
Passend onderwijs is een breed begrip. Afhankelijk van wat jouw kind nodig heeft om zich te ontwikkelen, kan passend onderwijs veel verschillende vormen aannemen. Het kan helpen om met andere ouders te praten die in dezelfde situatie zitten. Ook is het fijn om met de school van je kind, of met de school die je op het oog hebt voor je kind in gesprek te gaan. School kan dan inschatten of zij de gewenste ondersteuning of zorg kan bieden.
Samen kunnen jullie uitzoeken wat de mogelijkheden zijn. Ook andere professionals die om je kind heen staan, kunnen meedenken.
Hulp bij het gesprek
Vaak helpt het om je verhaal te doen bij iemand die onafhankelijk is. Iemand die naar je luistert en met je meekijkt naar de mogelijkheden vanuit de vraag: wat is er nodig om ervoor te zorgen dat jouw kind passend onderwijs krijgt? In iedere deelregio is iemand beschikbaar. Samen met deze medewerker onderzoek je de situatie en kijk je welke mogelijkheden er zijn. Eventueel kan hij of zij een gesprek tussen jou en de school faciliteren. Neem gerust contact op.
Als jouw kind op de basisschool (waarschijnlijk) extra ondersteuning en/of zorg nodig heeft, is de eerste stap: goed onderzoeken of de basisschool van jouw keuze deze zorg en/of ondersteuning kan bieden. Daarnaast is het fijn en belangrijk om een gesprek aan te gaan met de intern begeleider, de directeur of de zorgcoördinator van de school om te praten over de mogelijkheden. Vaak stelt de school dit zelf voor.
Kreeg jouw kind al ondersteuning op zijn of haar vorige school? Dan draagt de vorige school de informatie rondom jouw kind over aan de nieuwe school. Dat gebeurt alleen met jouw toestemming.
Hulp van het steunpunt in jouw deelregio
Heeft jouw kind extra ondersteuning en/of zorg nodig? Dan betrekt de school waarschijnlijk direct het steunpunt van het samenwerkingsverband bij de gesprekken. Jij als ouder kunt dit zelf ook doen. Samen gaan jullie op zoek naar een passende oplossing voor jouw kind.
Neem gerust contact op met het steunpunt in de deelregio.
Het vinden van een middelbare school die aansluit bij de onderwijs- en ondersteuningsbehoefte van je kind is een zoekproces voor iedere ouder.
Wat heeft je kind nodig? Hoe en wanneer wil je je kind bij dit zoekproces betrekken? Dit zijn twee belangrijke vragen. Maar het gaat over zoveel meer. Jij en je kind moeten samen een weg gaan vinden in een nieuwe wereld. Mogelijk helpen de vragen en antwoorden op deze website je verder op weg.
Weet ook dat je altijd kunt praten met mensen die jouw kind en het onderwijsveld goed kennen. Vraag de leerkracht of de intern begeleider om met je mee te denken.
Wanneer begin je met de schoolkeuze?
De schoolkeuze voor het voortgezet onderwijs is belangrijk voor jou en je kind. Denk vooraf na wanneer en op welke manier je je kind wilt gaan betrekken bij de overstap naar de middelbare school. Houdt er rekening mee dat leerlingen onder elkaar en met elkaar over de schoolkeuze praten.
Het lijkt misschien nu nog ver weg, maar het is aan te raden om op tijd te beginnen met nadenken over wat je kind nodig heeft en je te oriënteren op toekomstige scholen. Dit kan al wanneer enigszins duidelijk is naar welk schooltype je kind gaat uitstromen, dit wordt het uitstroomprofiel genoemd. Bij veel kinderen is dit gelijk aan het ‘voorlopig advies’ in groep zeven, maar bij sommige leerlingen is al eerder duidelijk wat het uitstroomprofiel gaat worden.
Tip: Je kunt het onderwerp schoolkeuze op de agenda zetten van het gesprek met de leerkracht. Ook kun je met de leerkracht bespreken aan welke vaardigheden er nog gewerkt moet worden met je kind om de overstap naar het VO makkelijker te maken. Hiervoor zijn speciale POVO lijsten ontwikkeld. Begin groep 7 komt dit onderwerp meestal al ter sprake. In sommige gevallen gebeurt dit eerder als je kind bijvoorbeeld een jaar eerder kan uitstromen naar het voortgezet onderwijs. Het overleg over de schoolkeuze kan gaan over de verwachte uitstroommogelijkheden na de basisschool. Ook kunnen er plannen worden gemaakt voor begeleiding gedurende de laatste jaren op de basisschool. Belangrijke vraag in het gesprek is: Wat kan de school en jij doen om een zo soepel mogelijke overgang naar het voortgezet onderwijs mogelijk te maken?
Kunnen arrangementen worden meegenomen naar het voortgezet onderwijs?
Arrangementen in het voortgezet onderwijs worden op een andere manier georganiseerd en gefinancierd dan in het primair onderwijs. Daarom kunnen de arrangementen van je kind op de basisschool soms niet worden meegenomen naar de middelbare school.
Het kan zijn dat het huidige arrangement hiervoor moet worden aangepast. Dit kan variëren van stapje voor stapje afbouwen van de huidige ondersteuning of tijdelijk juist extra steun bieden. In het voortgezet onderwijs wordt er veel zelfstandigheid gevraagd van je kind. Welke keuzes er ook worden gemaakt, het is en blijft maatwerk en afhankelijk van de onderwijs- en ondersteuningsbehoeften van jouw kind. Dit is een gezamenlijke zoektocht met de school. Als het moeilijk is te bepalen wat een goede vervolgschool is voor jouw kind, dan kan de school een Voortgezet Onderwijs functionaris inschakelen.
“Het is alsof je een nieuwe wereld betreedt en alles opnieuw moet leren kennen” zeggen ouders met een kind met een extra onderwijs- en ondersteuningsbehoefte die de overstap naar het voortgezet onderwijs heeft gezet. En ouders met een kind dat de overstap maakt van speciaal onderwijs naar regulier onderwijs hebben het over “een enorme overgang omdat de scholen en klassen groter zijn”.
Hieronder beschrijven we enkele belangrijke verschillen tussen het PO en VO zodat jij en je kind gemakkelijker de weg kunnen vinden in deze nieuwe wereld. Het allereerste wat opvalt is de grootte van de scholen en de klassen. Daarnaast is de visie op het kind in het voortgezet onderwijs anders dan op de basisschool en dit heeft gevolgen voor jouw kind en de manier waarop je als ouder betrokken kunt zijn. Verder is het belangrijk om te weten dat de organisatie en financiering van de arrangementen anders is georganiseerd. Je krijgt dus te maken met andere regels en nieuwe gezichten.
Belangrijke verschillen PO_VO
Grotere scholen en klassen
Middelbare scholen hebben (vaak) meer leerlingen dan op basisscholen. De gebouwen zijn groter en er zijn meer klassen in het gebouw en meer leerlingen in een klas. Voor alle leerlingen en ouders is dit wennen, maar voor kinderen die vanuit het speciaal (basis)onderwijs naar regulier voortgezet onderwijs instromen is het verschil vaak overweldigend. Voor deze groep is een zorgvuldige gewennings- en overbruggingsperiode extra belangrijk.
Meer zelfstandigheid verwacht van het kind
Een groot verschil met de basisschool is dat er in het voortgezet onderwijs steeds meer zelfstandigheid van je kind wordt verwacht. Dit betekent ook dat de interactie met de ouders zal veranderen. Op de basisschool was laagdrempelig contact en even afstemmen met de leerkracht mogelijk. Maar op de middelbare school gaat dit anders. Ouders komen meer op afstand te staan.
Onderwijs is georganiseerd rond vakken
Een ander belangrijk verschil voor jou en je kind is dat het onderwijs niet meer georganiseerd is rondom de klas, maar rondom vakgebieden. Je kind krijgt daarom te maken met verschillende docenten. Ieder met een eigen vakgebied en ook een eigen stijl van lesgeven.
Lang niet altijd een vast lokaal
Sommige middelbare scholen proberen de overstap voor de nieuwe leerlingen te verkleinen door hen in de onderbouw een vast lokaal te geven. De docenten gaan dan elke les naar een ander lokaal. Maar dit verandert vaak in de bovenbouw. Dan verplaatsen de leerlingen elke les naar een ander vaklokaal.
Mentor is het eerste aanspreekpunt
Sprak je op de basisschool direct met de leerkracht van je kind, op de middelbare school is één van de vakdocenten aangewezen als de mentor van de groep van je kind. De mentor is ook eerste aanspreekpunt voor ouders en leerlingen. Hoe de mentor kennismaakt met ouders en contact met hen onderhoudt, verschilt per school en ook per mentor.
Tijdens mentoruren maakt de mentor de leerlingen wegwijs op de school en worden studievaardigheden geoefend. Ook kunnen de leerlingen met de mentor eventuele problemen met een docent of school bespreken. Als er zorgen zijn over een leerling dan kan de mentor met hem of haar in gesprek gaan, soms wordt daarbij ook contact gezocht met de ouders. Als de mentor merkt dat een leerling extra ondersteuning nodig heeft, dan komt de zorgcoördinator in beeld.
Rol van de zorgcoördinator
In het voortgezet onderwijs is de zorgcoördinator verantwoordelijk voor de extra onderwijs- en ondersteuningsbehoefte van leerlingen. De rol van de zorgcoördinator lijkt daarmee op die van de intern begeleider op de basisschool. Als je kind op de basisschool extra ondersteuning had, is aan te raden om als ouder al tijdens het schoolkeuzeproces een gesprek aan te vragen met de zorgcoördinator. Hij of zij heeft het beste beeld van wat de school jouw kind wel of niet kan bieden.
Arrangement passend onderwijs
Net als in het primair onderwijs is in het voortgezet onderwijs een samenwerkingsverband actief dat zorgt voor passend onderwijs. Er zijn echter verschillen in werkwijze. Zo is in het voortgezet onderwijs de samenwerking met scholen en ook de financiering anders geregeld dan in het primair onderwijs. Lees hier meer over.
Neem de tijd voor de overstap
Kortom, als ouder betreed je met de overstap van je kind naar het voortgezet onderwijs een nieuwe wereld. Je krijgt te maken met nieuwe gezichten, andere uitgangspunten en financiële regelingen. Je kind en jij dienen daarin opnieuw de weg te gaan vinden. Begin daarom ruim op tijd en bereid je goed voor. Vraag ook naar welke mogelijkheden scholen bieden om deze overstap voor te bereiden. Zie de lijst met vragen die ouders aan scholen stellen. Mogelijk helpen de vragen en antwoorden op deze website je op weg.
De overgang van de basisschool naar de middelbare school roept vragen op. Welke scholen zijn er? Welke school past het beste bij mijn kind? En als je kind extra ondersteuning nodig heeft, dan wil je graag zeker weten dat de nieuwe school dat kan bieden.
Bespreek allereerst thuis met je kind wat het belangrijk vindt aan een nieuwe school. Het overzicht in de bijlage kan helpen om te onderzoeken wat jouw kind en jij als ouder belangrijk vinden. Mogelijk kun je met de informatie hieronder gerichte vragen stellen als je een school bezoekt.
De keuze voor een middelbare school wordt begeleid door de eigen leerkracht, eventueel in samenspraak met de intern begeleider.
Sfeer proeven
Een overzicht van alle middelbare scholen vind je hier. Vanaf groep 7 kun je met je kind open avonden bezoeken van scholen in de buurt. Op een middelbare school is de zorgcoördinator degene met wie je een afspraak kunt maken bij een specifieke hulpvraag. Daarnaast kun je eens gaan praten met kinderen en ouders die al op de school zitten die je aanspreekt.
Als er extra financiële ondersteuning nodig is om maatwerk op de middelbare school mogelijk te maken, dan kun je contact opnemen met het samenwerkingsverband van de regio waarin de nieuwe middelbare school van je kind staat. Voor de regio Twente Oost kun je terecht bij het Samenwerkingsverband VO 2302.